Uitgankelijkheid‎ > ‎

Uitgankelijkheid openbare gebouwen


De resultaten van het onderzoek naar Uitgankelijkheid van Publieke gebouwen en scholen is uitgebracht.
Het complete rapport is als Eindrapport Uitgankelijkheid 2011 te vinden.
Hieronder toelichting en conclusies.


Onderzoek Uitgankelijkheid openbare gebouwen in Drimmelen, Geertruidenberg en Oosterhout

Toelichting en conclusies

Uitgankelijkheid? Wat is dat?

Een werkdefinitie hiervoor luidt als volgt:
 
Uitgankelijkheid: De mogelijkheid voor mensen met een beperking om
in geval van calamiteit - zoveel mogelijk zelfredzaam - de ruimte
binnen de geldende tijdsnorm te kunnen ontvluchten.

Wat houdt dat in het bijzonder in? Bijvoorbeeld dat ingeval van brand,
een gaslek of een overstroming, ik gewaarschuwd wordt op een manier
die ik als dove kan waarnemen. Of dat ik met mijn visuele handicap
moeiteloos de weg naar de (nood-)uitgang kan vinden. Of dat ik in mijn
rolstoel snel naar beneden kan komen als de liften uitgeschakeld worden.
En als ik beneden ben, dan ook door die deur naar buiten kan. Dat er niet
allerlei obstakels voor liggen die ik niet kan zien als blinde. Leeg fust
bijvoorbeeld of een veel te hoge drempel. Er zijn nog tal van voorbeelden
te bedenken die hierbij een rol kunnen spelen.

Waarom dit onderzoek?


Dat een goede uitgankelijkheid een must is voor een openbaar gebouw
klinkt als een open deur (excuses voor de flauwe woordspeling) maar die
deur is niet zo open als het lijkt. Uit signalen vanuit de groep waar het om
gaat - mensen met allerlei vormen van lichamelijk of verstandelijke
beperking - komt naar voren dat met hen in veel gevallen geen rekening
gehouden lijkt te zijn. Terwijl juist mensen met een beperking extra risico
lopen, omdat die beperking het hen veelal lastiger maakt om snel,
efficiënt en doelgericht een calamiteit te ontvluchten. Het is voor mensen
soms zelfs een reden om bepaalde gebouwen te mijden.

Zij schatten die risico’s als “te hoog” in en voelen zich niet prettig in een
dergelijk gebouw. Is hun angst terecht? Of is het bij veel gebouwen
misschien toch wel goed geregeld?


Even terzijde: er is natuurlijk een essentieel verschil tussen de
thuissituatie en die in een openbaar gebouw. In hun eigen huis kunnen
mensen zelf hun eigen maatregelen treffen, voor zichzelf en hun
beperking op maat gesneden. In openbare gebouwen is dat anders. Dan
ben je afhankelijk van de beheerder van dat gebouw.

Beheerders zijn daarin niet vrij. Er zijn formele regels van toepassing.
Belangrijke regel is dat er verplicht een evacuatieplan dient te zijn. Maar
is dat voldoende, als we kijken naar deze groep medeburgers?
 
NB: als we spreken over “mensen met een beperking”, dan spreken we over een
groep die – vaak onopgemerkt - veel groter is dan menigeen aanneemt.
Immers zo’n 15% van de Nederlanders valt officieel onder de categorie “mens
met een beperking”. Maar daaronder worden niet geteld de mensen met een
tijdelijke beperking (sportblessures), de ouderen die slechter ter been, van
gehoor en gezicht worden. Of kinderen die door hun leeftijd en lengte eveneens
beperkingen hebben.


Aanloop naar dit onderzoek


In november 2009 werd in theater De Bussel in Oosterhout een
manifestatie gehouden over zelfredzaamheid bij calamiteiten voor
mensen met een beperking. Deze manifestatie werd georganiseerd door
de werkgroep“Uitgankelijkheid” bestaande uit leden van het
Gehandicapten Platform Oosterhout (GPO), het Gehandicapten Platform
Geertruidenberg (GPG) en de stichting Wonen, Welzijn en Zorg uit
Drimmelen (WWZ-Drimmelen) en ondersteund door programma VCP.
Doel was toen om burgers, functionarissen en politici bewust te maken
van dit nog betrekkelijk nieuwe begrip. De hoop was dat
verantwoordelijke mensen zelf initiatief zouden nemen om ten aanzien
van uitgankelijkheid de onder hun bevoegdheid vallende gebouwen nader
onder de loep zouden nemen.

Opzet van het onderzoek


In het verlengde van deze manifestatie heeft dezelfde werkgroep deze
zomer een eigen onderzoek gedaan naar de stand van, en ontwikkelingen
rond uitgankelijkheid van openbare gebouwen en scholen in de drie
gemeenten Drimmelen, Geertruidenberg en Oosterhout.

Een gerichte vragenlijst (zie bijlage 1) werd gestuurd aan zoveel mogelijk
beheerders van openbare gebouwen. In totaal werden 109 vragenlijsten
verstuurd. Hiervan zijn er 62 terug gekomen (57%)

In de lijst zijn vragen opgenomen over aanwezigheid van
ontruimingsplannen, over de al dan niet regelmatige bijwerking van die
plannen en of daarin specifiek aandacht is voor mensen met een
beperking. Ook werd de vraag gesteld of er in de betreffende gebouwen
ontruimingsoefeningen plaatsvinden met de bedoelde doelgroep en of er
verbeteringen aan vluchtwegen en nooduitgangen zijn aangebracht in de
afgelopen jaren.

Doel van het onderzoek:

1. inventarisatie stand van zaken rond ontruimingplannen met
betrekking tot mensen met een beperking.
 
2. bewustmaking van bestuurders/beheerders over de noodzaak hiervan.

3. verbetering van vluchtmogelijkheden in gang zetten.

 

De resultaten


In de bijlagen bij dit rapport vindt u de uitkomsten in een totaaloverzicht
over de drie gemeenten en over elke gemeente afzonderlijk. Wat valt er
in grote lijnen te constateren? Dat zijn een paar opvallende zaken:

1. Van bijna de helft van de aangeschreven beheerders hebben we geen
respons gehad. De situatie in die gebouwen is dus onbekend.

2. In de meeste gebouwen waarover wél respons is gekomen is er een
evacuatieplan. Dat was er soms al (lang) of het is er in de afgelopen
jaren alsnog gekomen. Een verheugend gegeven. “Op naar 100%”
hoeft dus geen zware opgave meer te zijn.

3. Minder positief is het gegeven dat veel van die plannen sinds hun
verschijnen nooit meer bijgewerkt zijn, terwijl omstandigheden soms
wel gewijzigd zijn. Op zich hoeft dit geen ramp te zijn (of te worden)
als er in de dagelijkse praktijk maar een goed werkend
evacuatiesysteem is.

4. Hier staat dan weer positief tegenover dat van de bevraagde
instellingen ruim 50% aangeeft in de afgelopen twee jaar wel iets
verbeterd te hebben aan de veiligheidssituatie. Daaronder vallen dan
verbeteringen aan visuele/auditieve alarmen en vooral verbeteringen
in de aanduidingen van vluchtwegen en aan de nooduitgangen.

5. Een punt dat zich in de afgelopen jaren ook positief ontwikkeld heeft
is dat er wordt meer geoefend op calamiteiten en evacuatie. In elk
geval bij het merendeel van de instellingen die op de enquête
gereageerd hebben. Dat is een mooi gegeven. Maar … 

6. … het aantal instellingen dat daarbij ook mensen met een beperking
betrekt bij de oefening is echter maar een derde daarvan. Waarbij in
de meeste van die gevallen de “mensen met een beperking” kinderen
zijn. Daarmee ontstaat voor ons toch een beeld dat aandacht voor –
het oefenen van – ontsnappingsmogelijkheden voor volwassenen
(ouderen!) met (andere) fysieke en/of verstandelijke beperkingen nog
sterk verbetert mag worden.

7. Dat zou gerealiseerd kunnen worden door hier aandacht aan te
schenken in evacuatieplannen. Daarmee raken we de kern van onze
drang tot dit onderzoek: in vrijwel geen enkel evacuatieplan is
aandacht voor mensen met een fysieke, zintuiglijke of verstandelijke 
beperking opgenomen (anders dan de beperking “kind zijn”). Ook in
de gevallen waarbij wel geoefend wordt ontbreekt die aandacht. Er
wordt dus ook niet geoefend met echte mensen met een beperking of
met mensen die een dergelijke rol tijdelijk op zich nemen (los dus
even van het oefenen met kinderen). 

Terzijde: is het een idee voor de vereniging voor Lotusslachtoffers, om
ook mensen met beperkingen in hun gelederen op te nemen, of
anders beperkingen te simuleren.

Wat wij als werkgroep constateren en graag met u willen delen is dat er
gelukkig wel steeds meer aandacht is om veiligheid en uitgankelijkheid
goed op te nemen in het beheer van gebouwen. Maar dat wij graag een
lans willen breken om in theorie (de evacuatieplannen) en praktijk
(oefenen) speciaal aandacht te hebben voor mensen met beperkingen, in
welke vorm dan ook.

Deze enquête heeft absoluut een positieve impuls gekregen door de
medewerking van brandweer regio Amerland en van diverse wethouders
en ambtenaren die ons initiatief warm aanbevolen hebben bij de
benaderde beheerders van openbare gebouwen. Dank daarvoor!


De Werkgroep Uitgankelijkheid


Gehandicapten Platform Geertruidenberg.
St. Wonen, Welzijn en Zorg Drimmelen.
St. Gehandicaptenplatform Oosterhout.
Programma Versterking Cliënten Positie